• 0 Items - 0,00
    • Geen producten in de winkelwagen.
Rebel Books Schrijfwedstrijd 2025

De Rebel Books Schrijfwedstrijd is in volle gang! Elk jaar stromen er inzendingen binnen met mooie, creatieve, grappige en fantasierijke verhalen. Ook deze december zijn we heel benieuwd met wat voor verhalen jullie komen.

Sommige van jullie weten er wellicht al fluitend een verhaal uit te persen, terwijl anderen eindeloos naar een blanco Word-document zitten te staren. Ieders schrijfproces is uniek en toch zijn er ook vele raakvlakken.

We vroegen de winnaars van voorgaande jaren naar hun ervaring met de Rebel Books Schrijfwedstrijd.  Loop jij vast in je verhaal of twijfel je of het goed genoeg is? Wees gerust: je bent niet de enige.

De oud-deelnemers geven je tips en een inkijkje in hun schrijfproces.

Kunnen jullie je even voorstellen?

Lisette: Hoi! Ik ben Lisette. In 2022 won ik de Donkere Dagen Schrijfwedstrijd met mijn manuscript De eeuwige nacht, dat destijds nog Donker heette. Inmiddels is mijn tweede boek verschenen: Over liefde, vriendschap en andere dode dingen.

Robine: Mijn naam is Robine van Olffen, auteur van Het hart van het woud, dat in april 2024 bij Rebel Books is uitgegeven. Dit gebeurde nadat ik de Donkere Dagen schrijfwedstrijd van 2022 won, samen met Lisette Kuijt!

Emma: Hee! Ik ben Emma, 23 jaar en nog studerende. In 2023 heb ik de schrijfwedstrijd gewonnen en afgelopen april lag mijn debuut Masker van verraad in de boekwinkel.

Dyonne: Hoi! Mijn naam is Dyonne Marina, ik ben 25 jaar oud en sinds kort ben ik fulltime artiest. Mijn werk als artiest wil ik combineren met het schrijven van boeken! Ik heb de afgelopen editie van de Donkere Dagen Schrijfwedstrijd gewonnen (in 2024)!

Hoe heb je de schrijfwedstrijd ervaren? Was je op tijd begonnen of heb je nog lang getwijfeld om mee te doen?

Robine: Tijdens het schrijven van Het hart van het woud zat ik thuis wegens zwangerschapsverlof. Het kriebelde; ik wilde lekker bezig blijven. Toen zag ik de aankondiging van de Donkere Dagen Schrijfwedstrijd en ben ik mijn plot gaan uitwerken. Binnen drie maanden stond de tweede versie (mijn eerste versies zijn altijd bagger): van eerste tot laatste woord speciaal geschreven voor Rebel Books. Ik twijfelde ontzettend of het goed genoeg was en heb uiteindelijk vijf minuten voor de deadline het manuscript toch ingestuurd.

Lisette: Ik herken heel erg wat Robine zegt! Het manuscript was speciaal voor de wedstrijd geschreven en bovendien was het zelfs het eerste verhaal dat ik ooit helemaal had afgerond. Ik vond het ontzettend spannend om mee te doen, want ik had nog nooit eerder iemand iets laten lezen van wat ik schreef. En toen won ik dus. Dat was een enorme verrassing.

Dyonne: In 2023 had ik voor het eerst meegedaan aan de schrijfwedstrijd en was toen met mijn manuscript op de shortlist beland! Ik had mijn verhaal een paar uur voor middernacht ingeleverd, terwijl ik in de auto zat om daarna een kerstconcert te geven, haha! Het jaar daarna heb ik opnieuw meegedaan met hetzelfde manuscript ! Echter heb ik toen veel herschreven en wat plotholes eruit gehaald (oeps). Ik heb in 2024 zelfs 1 dag van tevoren mijn manuscript opgestuurd, haha! Ik vond het ontzettend spannend, omdat dit voor mij ook de eerste keer was dat ik een boek volledig had afgeschreven. De maanden daarna kreeg ik zenuwen bij elke nieuwe post die Rebel Books plaatste!

Emma: Ik heb meegedaan met een manuscript dat ik al had liggen, dus niet speciaal voor deze wedstrijd een nieuwe geschreven. Wel twijfelde ik om mee te doen (ik had niet verwacht dat het ooit goed genoeg zou zijn), dus uiteindelijk heb ik het manuscript een klein beetje impulsief twee dagen voor de deadline ingeleverd.

Hoeveel versies heb je gemaakt voordat je er tevreden mee was? Wat maakt dat je er uiteindelijk klaar voor was om op verzenden te drukken?

Robine: Ik denk dat ik het verhaal tot drie keer toe opnieuw begonnen ben, exclusief de proloog. De eerste volledige versie heb ik dáárna nogmaals op de schop gegooid (uiteindelijk bleef er zo’n 40% van de originele versie over) voordat ik het durfde in te sturen.

Emma: Drie versies denk ik! Eerst een grove versie. Daar heb ik diverse scènes aan toegevoegd, waarna ik later nog een keer over het geheel ben gegaan.

Dyonne: Eeehh… De versie die ik in 2024 had ingestuurd, was mijn vijfde versie. Wel ben ik al 6 jaar met dit verhaal bezig en heeft dit manuscript alleen al vier verschillende beginscenes gehad. Mijn hoofdpersoon had eerst ouders, toen niet meer, toen woonde ze in een pleeggezin en uiteindelijk is die pleegmoeder haar echte moeder geworden. Het heeft lang geduurd voordat ik er echt tevreden mee was, ook omdat mijn schrijfstijl veranderde in die zes jaar. Daarna was het eindelijk zover en heb ik een verhaal geschreven dat ik zelf had willen lezen.

Lisette: Ik ben echt een herschrijver, dus ik denk vier keer? Al loopt dat bij mij altijd een beetje door elkaar. Sommige hoofdstukken heb ik nog veel vaker herschreven, en andere heb ik pas last minute toegevoegd.

Wat is je werkwijze? Heb je eerst de wereld bedacht of waren het de personages die je als eerste hebt uitgewerkt?

Emma: De wereld! Ik begin altijd eerst met het uitdenken van mijn wereld. Hoe weet ik anders hoe mijn personages in deze wereld staan, wat hun rol is en wat hen gevormd heeft?

Robine: Meestal werk ik alles van a tot en met z uit. Maar bij Het hart van het woud begon het bij Iliona, de hoofdrolspeelster. Ik zag haar helemaal voor me en wilde haar verhaal vertellen. Dus schreef ik scènes uit haar leven, zowel haar jonge leven als haar tienertijd. Die scènes werden het begin van de worldbuilding.

Lisette: Ik wilde zelf heel graag een mysterie lezen dat zich afspeelde in een fantasywereld, maar ik kon niets vinden wat echt die itch bevredigde. Toen ik de oproep voor de schrijfwedstrijd zag, vond ik dat daar perfect bij passen. Schrijf wat je zelf wilt lezen, zeggen ze weleens, toch? Daarna ben ik begonnen met het uitwerken van de verdwijning in mijn verhaal. Bij een mysterie moet alles natuurlijk tot in de puntjes kloppen, anders valt je hele plot uit elkaar.

Dyonne: Toen ik begon met dit verhaal had ik nog geen werkwijze, maar ondertussen heb ik een vaste routine: meestal start mijn verhaal met een idee, rondom dit idee ga ik een wereld bedenken. Tegelijkertijd, met het bedenken van de wereld, krijg ik meestal ideeën voor karakters en scènes. Als ik de hele worldbuilding af heb, deel ik mijn verhaal op in “begin”, “midden” en “eind” en nummer ik alle scènes die ik al had bedacht. Ik bedenk nog meer scènes en gebeurtenissen en deel deze in bij het kopje “begin”, “midden” of “eind”. Als ik genoeg scènes heb en de rode draad van het verhaal een beetje begint te komen, ga ik mijn verhaallijn schrijven. In mijn verhaallijn schrijf ik kort en bondig wat er in een scène/hoofdstuk gebeurt (dit blijft niet altijd kort, soms schrijf ik al hele dialogen, haha!) en meestal vormt de rest van het verhaal zich tijdens het schrijven.

Heb je schrijftips voor degenen die meedoen aan de wedstrijd?

Emma: Leer je personages kennen. Als je weet wat zij in een bepaalde situatie zouden doen, dan gaat het schrijven een stuk makkelijker. Bedenk bijvoorbeeld wat voor karaktertrekken je personages hebben, maak een moodboard met uiterlijke kenmerken, werk hun voorgeschiedenis uit en beschrijf de typerende uitspraken van je karakters

Robine: Ik sta volledig achter Emma. Personages zijn ontzettend belangrijk, zeker in YA. Verder wil ik je nog op het hart drukken dat de eerste versie niet je uiteindelijke versie is, maar slechts de structuur. Ga dus lekker schrijven. Pas nadat de eerste versie klaar is, kun je de structuur werkelijk gaan invullen. Daarmee bespaar je jezelf veel druk: het hoeft niet perfect. Perfectioneren gebeurt na de eerste versie!

Lisette: Ik ben het helemaal met mijn collega’s eens! Daarnaast vind ik het belangrijk dat je goed weet wat de kern of boodschap van je verhaal is. Dat hoeft niet per se iets heel literairs of diepzinnigs te zijn, maar elk boek heeft een onderliggende gedachte. Kijk vervolgens per hoofdstuk hoe dat zich verhoudt tot die kern: draagt het eraan bij, bouwt het logisch voort? Op die manier blijft je verhaal richting en samenhang houden.

Dyonne: Schrijf het verhaal dat jij had willen lezen! Want als je passie erin ligt, dan heb je al een krachtige basis! Ik kon amper boeken vinden van een royale, dystopische wereld met wat hintjes van sciencefiction, dus schreef ik die zelf. Verder is de beste tip die ik ooit heb gelezen: je eerste versie schrijf je voor jezelf. Het maakt niet uit of het het meest cliché is wat je ooit hebt gelezen of als de dialogen nog niet zo mooi zijn. Je kan dat later altijd aanpassen/verbeteren!

Wat doe jij als je een writer’s block krijgt?

Lisette: Soms lees ik een heel hoofdstuk hardop voor als ik vastloop bij een moeilijke passage. Dat voelt in het begin altijd een beetje ongemakkelijk, maar het helpt enorm. Door het hardop te lezen, kom ik weer helemaal in de sfeer van het verhaal terecht en dan dient de volgende stap zich vaak vanzelf aan. Je hoort waar het ritme stokt, waar een emotie ontbreekt of waar een overgang niet klopt.

Dyonne: Ik ben het helemaal eens met Lisette. Deze methode werkt bij mij vooral met dialogen. Als mijn dialoog gek klinkt of het niet lukt om het te schrijven, probeer ik het gesprek hardop uit te spreken. Ik schrijf persoonlijk anders dan dat ik spreek!
Verder een klein technisch dingetje wat mij vaak helpt: kom je vast te zitten in een alinea of werkt een bepaalde zin niet? Vaak start het probleem al een paar zinnen terug. Probeer dus niet te blijven hangen bij die ene zin, maar ga een paar stappen terug en kijk of je daar wat aan kan passen!

Robine: Zelf voorkom ik een writer’s block door een afspeellijst op repeat te zetten. Heb ik inspiratie? Dan zuigt bepaalde muziek die inspiratie op, om het tijdens zwaardere momenten terug te geven. Uiteraard werkt dit niet voor iedereen zo, dus ook nog een tip voor mensen die muziek niet zo ervaren: “Je mag altijd terug naar de tekentafel”. Dit klinkt misschien gek, maar blijf onthouden: als je op een gegeven moment vastzit, is het nooit erg om weer terug te gaan naar de basis. Veel blokkades komen door een plothole. Fouten maken is menselijk. Ga daarom terug naar het begin en neem je luizenkam mee.

Emma: Ik geloof dat ik de tips van Robine, Lisette en Dyonne zelf ook ga gebruiken haha. Mijn tip is wat minder praktisch, maar zelf kies ik er soms voor om een tijdje niet te schrijven. Als je een deadline hebt, dan is dat natuurlijk anders, maar ik heb er nooit van gehouden om naar mijn laptop te zitten staren. In plaats daarvan ging ik wat anders doen, liet ik mijn manuscript een paar weken rusten, pakte een ander manuscript op, etc..

Wat is je favoriete schrijf-routine?

Dyonne: Ik ben een ochtendmens en vind het heerlijk om tijdens de stille uurtjes diep weg te zakken in mijn fantasiewerelden. Ik kan mij ook ontzettend goed concentreren als ik in een leuk cafeetje zit met een lekkere ijskoffie. Thuis lukte het vroeger iets beter dan nu, omdat ik sinds kort als fulltime artiest thuis werk, word ik af en toe afgeleid. Ik moet weer even sleutelen aan mijn schrijfroutine: het liefst zou ik minimaal twee ochtenden in de week aan mijn verhalen willen werken!

Emma: Mijn zaterdagochtenden zijn mijn meest gewaardeerde schrijfuurtjes. Na een drukke week je weekend beginnen met ideeën die al heel de week door je hoofd spoken? Dat kan wat mij betreft niet beter.

 Robine: Ik werk het liefst een volledige dag aan mijn verhalen. Thuis in mijn schrijfkamer, met mijn eigen muziek en een grote bak koffie! Ik werk naast het schrijven parttime en donderdag is mijn “heilige schrijfdag”. Geen kantoor, enkel mijn boeken en ik.

Lisette: Door de deadlines van mijn laatste twee boeken heb ik niet echt één vaste schrijfroutine ontwikkeld. Ik schrijf eigenlijk overal en op elk moment dat het kan: in de trein, ’s avonds na mijn werk als leesbevorderingsadviseur, of als ik niet kan slapen. Idealiter zou ik graag hele dagen schrijven, maar dat lukt eigenlijk nooit – en dat is oké. Het belangrijkste is dat ik bijna elke dag even met mijn verhaal bezig ben, hoe klein dat moment ook is.

Wat is jouw valkuil en wat is jouw sterkste eigenschap als schrijfster? 

Robine: Mijn grootste valkuil: het perfect willen doen. Nieuwe versie na nieuwe versie na nieuwe versie. Kapotschrijven, noem je dat. Het kan altijd beter, maar soms is het gewoon klaar. Doorgaan en later weer terugkomen bij het stuk. Anders verliest het z’n soul. Mijn sterkste eigenschap? Ik schrijf ontzettend snel en heb een onuitputtelijke dosis motivatie, inspiratie en energie als het om het schrijven van manuscripten gaat.

Lisette:  Ik ben ook een perfectionist en eigenlijk zelden helemaal tevreden met het eindresultaat. Het liefst zou ik elk hoofdstuk honderd keer herschrijven, maar daar wordt het verhaal uiteindelijk niet beter van. Gelukkig heb ik inmiddels geleerd om op tijd afstand te nemen en te vertrouwen op de feedback van anderen. Mijn sterkste eigenschap? Moeilijke vraag. Ik heb veel liefde voor taal en sfeer, en ik geloof dat ik mijn scènes daarom beeldend kan neerzetten.

Emma: Mijn valkuil is sowieso dat ik te snel naar een bepaalde scène of het einde toe wil en daardoor belangrijke elementen in een verhaal mis. Dit los ik op door altijd mijn laatste geschreven scènes na te lezen om te kijken of ik niet iets cruciaals mis. Mijn sterkste eigenschap? Het ontwikkelen van de personages en hun voorgeschiedenis.

Dyonne: Mijn grootste valkuil: ik schrijf héél erg veel. Ik blijf maar doorratelen. Mijn manuscript is op dit moment ook niets voor niets 125.000 woorden… Ik heb ook veel te vertellen, haha. Maar ik laat mezelf ook gewoon schrijven en ik los later het “probleem” van teveel woorden wel weer op. Want wie weet schrijf ik wel een geweldig hoofdstuk dat ik anders niet had geschreven!
Mijn sterkste eigenschap is denk ik wel mijn wereldopbouw. Ik besteed veel aandacht aan hoe mijn werelden in elkaar zitten!

Kun je beschrijven hoe de laatste week voor de deadline van de schrijfwedstrijd eruit zag?

Lisette: Ik geloof dat ik zo’n 10.000 woorden heb herschreven. Paniekerig dus 🙂

Dyonne: Gestresst! In de laatste week heb ik nog veel kleine dingen herschreven en ben ik zo vaak door mijn manuscript heengegaan dat ik de kluts een beetje was kwijtgeraakt. Ik wilde 200% zeker weten dat het goed was en ik geen dingen was vergeten. Vooral omdat, in mijn inzending van 2023, er personages aan het einde bij kwamen die zeiden “Ken je ons nog?” en dan was je van “nee, want ik had jullie in het begin eruit geschreven”.

Robine: Herschrijven, herschrijven, herschrijven. Uiteindelijk op de valreep, na aandringen van mijn Griekse schoonmoeder, toch ingestuurd.

Emma: Aangezien ik mijn manuscript dus twee dagen voor de deadline impulsief besloten heb in te sturen… weinig stressgevend :).

Heb je nog bemoedigende woorden voor de huidige deelnemers?

Emma: Een eerste versie is nooit een eindversie en dat hoeft ook niet! Gun jezelf ook de tijd om een manuscript een poosje te laten liggen, het dan weer op te pakken en er weer aan te gaan sleutelen, en vergeet niet… het feit dat je een manuscript hebt afgeschreven is al een hele prestatie!

Dyonne: Je bent al zo ver gekomen dat je überhaupt een boek hebt geschreven! Er zijn veel mensen die een droom hebben om een boek te schrijven, maar een klein gedeelte daarvan lukt het daadwerkelijk om iets áf te schrijven! Wees daar trots op en geniet ervan! En als je niet wint, schroom niet om volgend jaar weer mee te doen of om een ander pad te kiezen. Als ik in 2023 had gedacht: “nou, dat wordt dus nooit wat”, had ik in 2024 niet kunnen winnen!

Lisette: Vergeet niet dat schrijven vooral leuk mag zijn. Het is jouw hobby, jouw wereld, jouw verhaal. Natuurlijk zijn er momenten waarop het stroef gaat of waarop je twijfelt aan wat je hebt geschreven, maar probeer ook te genieten van het proces zelf. Sta af en toe stil bij hoe ver je al bent gekomen, ook al voelt het nog niet “af”.

Robine: Niemand is bij geboorte goed. Schrijven kost tijd, energie en toewijding. Wees daarom trots op ieder uur dat je bezig bent. Ieder uur heb je er namelijk weer eentje geïnvesteerd in jouw passie: schrijven!

 

De Rebel Books Schrijfwedstrijd 2025 wacht op jouw verhaal. Durf jij de uitdaging aan?