• 0 Items - 0,00
    • Geen producten in de winkelwagen.
Lidewei blog

Zoals de zee van Lidewei Philips heeft een unieke ontstaansgeschiedenis. Het avontuurlijke en historische YA-boek begon als een muziekstuk, maar groeide uit tot een meeslepend verhaal over 18e-eeuwse piraten, schepen, bals en korsetten. We spraken met Lidewei over haar verschillende inspiratiebronnen voor Zoals de zee en blikken terug op haar researchproces.

“Het begon met een idee voor een liedje”, vertelt Lidewei, die naast auteur ook zangeres en harpiste is. Het liedje groeide uit tot een album met harpnummers over Lily, een meisje dat ernaar verlangt om de zee op te gaan. Daarna is Lidewei gestart met het schrijven van haar verhaal: “Ik merkte dat ik weinig over de piratentijd wist, maar die periode wel heel interessant vond. Daarom ben ik albums gaan luisteren, vooral over vrouwelijke piraten.” Op die manier had ze ook een link met de muziek. De piraten Anne Bonny, Mary Read en Grace O’Malley waren haar allereerste inspiratiebronnen.

Op schrijverskamp stroomde de inspiratie verder. In de sfeer van het strand, de zee en de schepen bij de Spaanse kust kreeg het avontuurlijke verhaal van Lily vorm in een boek. “We zaten aan de oceaan, dus dat gaf veel inspiratie. In gedachten zag ik het schip [The Havock] al varen in de verte”, zegt ze lachend.

De eerste versie schreef ze met pen en papier, om het later uit te werken op de computer. “Dan krijgt het verhaal meer vorm, maar de inspiratie is er al”, legt Lidewei uit. Tijdens het schrijven breidde ze haar onderzoek naar het leven in de 18de eeuw uit. Het bleek nog een hele klus om de historische context in het verhaal te verwerken. “Ik heb de research voor Zoals de zee een beetje onderschat. Ik schrijf vooral vanuit gevoel en inspiratie, en minder vanuit een vooraf uitgedacht plot.”

Gelukkig had Lidewei hulp van haar man, een expert op het gebied van de geschiedkunde en de scheepsvaart. “In het begin heb ik veel aan hem gevraagd. Ook hebben we samen informatie opgezocht, zoals wat piraten aten in de 18de eeuw.”  Daarbij merkte ze dat er veel fantasie-elementen over de piratentijd zijn ontstaan door de jaren heen, hoewel piraten natuurlijk echt hebben bestaan. “Ik vond het leuk om te onderzoeken wat mensen dreef om voor het piratenleven te kiezen”, zegt ze. “Historisch gezien werden mensen piraat om te kunnen overleven, aangezien het leven aan land veel slechter was. De marine zat al vol, dus kozen mannen noodgedwongen voor een leven op zee. Dit wilde ik ook een beetje in mijn verhaal meegeven.”

Ook ging Lidewei zelf op onderzoek uit door verschillende locaties te bezoeken. Voor haar was dit een belangrijke factor om het verhaal te kunnen schrijven: “Ik moet de ervaring als het ware voelen, aangezien ik erg meeleef met mijn verhalen”, zegt ze. Zo bezocht ze het Scheepvaartmuseum in Amsterdam en Museum Batavialand in Lelystad. “Op het schip de Batavia konden we zelf rondlopen. Het was heel leuk om te zien hoe het was ingedeeld.” Daarnaast ontmoette ze daar een van haar proeflezers, die als Maritiem Archeoloog werkt en Lidewei tips kon geven voor haar boek.

Gedurende het verhaal leert het personage Lily in Zoals de zee steeds meer over het piratenleven, net als Lidewei zelf: “ik leerde dus eigenlijk met haar mee.” Zo vernam Lidewei bijvoorbeeld met Lily hoe een kanon uit de 18de eeuw precies werkte. “Ook ontdekte ik dat de jurken van de 18de eeuw er heel anders uitzagen dan ik dacht. In die tijd deden ze vele lagen van een jurk over elkaar aan. Lily draagt onder andere een korset, onderrok, bovenrok, vestje en kousen tot over haar knieën en bindt alles aan elkaar vast. Daar had ik nooit eerder bij stilgestaan.”

Benieuwd naar de rest van het boek? Lees hier meer over Zoals de zee.